O, DENNENBOOM, O, DENNENBOOM

O, dennenboom, O, dennenboom

Vlieg in mijn gedachten mee met een roedel spreeuwen.


Ze schetteren naar hartenlust en maken dolle rondjes.
Grote afgewisseld met kleine, maar ook van die gevaarlijke fijne.


Ik bedenk dat voor ze  vallen, ik samen met hen wil knallen.
Hemeldansen in de azuren, samen maken we overuren.


Maar plots ben ik ze kwijt, lijd ik aan bijziendheid.
Luisterend in het nakende duister, hoor ik takken zwiepen.

Mijn denkbeeldige vleugels zweven over een dicht bos.
Achter een hoge berm, raaskalt de me te vlugge vogelzwerm.


Ik zal me tevreden moeten stellen met het laatste plekje.
Want elk kwetterende vogelbekje, vecht voor het beste stekje.

Eind goed, al goed … het is de stilte die het doet.
Voel me tenslotte veilig tussen mijn gevleugelde vrienden.

In een dennenboom droom ik van een Heilige Nacht.

©De Kimpe Marleen
December 2022

Populaire posts van deze blog

PAS GEVERFD

WEERKUNDIG

NAAR DE MAAN REIZEN *2* (Het Fibonaccigedicht)

GEEF MIJ DOOR

MIJN SPITSMUISDEN